Research building

KIWO – studie: KLIM-hybride Implementatie-monitoring en Wetenschappelijke Onderbouwing

Research
Het huidige Landelijke Indicatieprotocol (LIP) voor kraamzorg schiet tekort in het bieden van passende kraamzorg aan alle kraamgezinnen. De kraamzorgsector heeft daarom de nieuwe indicatiemethodiek KLIM ontwikkeld.

Voornamelijk gezinnen in kwetsbare situaties en met een medische zwaardere zorgbehoefte ontvangen te weinig kraamzorg. Daarom is door de kraamzorgsector de Kraamzorg Landelijke Indicatiemethodiek (KLIM) ontwikkeld, waarvan een hybride variant (ook wel KLIM-hybride genoemd) wordt klaargemaakt voor implementatie in 2026: een combinatie van fysieke en digitale kraamzorg. Er is nog niet systematisch in kaart gebracht wat digitale kraamzorg doet met de kwaliteit van zorg. Dit project monitort de implementatie van KLIM en formuleert aanbevelingen voor landelijke opschaling.

Op basis van deze monitoring (de KIWO-studie) worden adviezen geformuleerd over de optimalisatie van deze nieuwe indicatiemethodiek voor de kraamzorg. Dit doen we ter voorbereiding op de landelijke opschaling in 2027, zodat de kwaliteit van kraamzorg verbetert en de huidige beperkte personeelscapaciteit in de geboortezorg doelmatig wordt ingezet. Deze monitoring bestaat uit vier werkpakketten (over een periode van 2 jaar). We verzamelen inzichten over:

  • ervaringen van cliënten en zorgprofessionals met hybride kraamzorg (werkpakket 1)
  • ervaren uitvoerbaarheid van de KLIM én werkgerelateerd welzijn van kraamverzorgenden (werkpakket 2)
  • zorguitkomsten zoals zelfredzaamheid en gezondheid van kraamvrouwen en pasgeborenen (werkpakket 3)

Data worden verzameld via focusgroepen, vragenlijsten en kraamzorgregistraties. Vervolgens worden de inzichten vertaald naar concrete adviezen voor landelijke opschaling en een monitoringsplan (werkpakket 4). Dit alles doen we in co-creatie met stakeholders uit de kraamzorgsector waardoor praktijkgerichtheid en draagvlak gewaarborgd wordt.

Relevance

Passende kraamzorg

Huidige situatie

De KIWO-studie is essentieel voor het versterken van de kraamzorgsector, die momenteel grote uitdagingen kent op het gebied van capaciteit en het leveren van passende kraamzorg. Uit recent onderzoek van het RIVM en ZiNL blijkt dat het kraamzorggebruik onevenredig verdeeld is tussen regio’s en type gezinnen. Met name gezinnen in kwetsbare situaties ontvangen minder kraamzorg dan gezinnen die zich niet in een kwetsbare situatie bevinden. Terwijl juist bij dit type gezin over het algemeen de zorgbehoefte het grootst is. De rapporten benadrukken nogmaals het belang van het passender verdelen van de beschikbare kraamzorg. Door het wetenschappelijke monitoren van de reeds in gang gezette ontwikkeling en implementatie van een nieuwe indicatiemethodiek KLIM voor passende kraamzorg sluit de KIWO-studie aan op deze grote uitdaging.

De implementatie en landelijke opschaling van deze nieuwe indicatiemethodiek is onderdeel van een grotere transformatie die de kraamzorgsector momenteel doormaakt, waarvoor in 2025 IZA-gelden beschikbaar is gekomen. Door aan te sluiten op deze ontwikkeling in de praktijk hopen we met de KIWO-studie bij te dragen aan de noodzakelijke transformatie van de kraamzorg.

  • De KLIM (link naar website van de sector met meer uitleg over deze nieuwe indicatiemethodiek) werkt met zorgzwaartepakketten die zijn gebaseerd op objectieve medische en sociale cliëntkenmerken, zoals een keizersnede, de mate van mentaal welbevinden en de gezinssituatie. Deze kenmerken bepalen hoeveel kraamzorg een cliënt ontvangt. De pakketten worden in principe geleverd in de eerste zeven dagen postpartum, afhankelijk van de situatie van het gezin. Er wordt gewerkt volgens het klaar-is-klaar principe, waarbij zorg wordt afgesloten zodra zorgdoelen zijn bereikt, ongeacht de vooraf geïndiceerde kraamzorg. In lijn met het Integraal Zorgakkoord (IZA) wordt kraamzorg aangeboden volgens het principe: fysiek waar moet, digitaal waar kan. Dit betekent dat de intake fysiek of digitaal kan plaatsvinden en er digitale voorlichtingsinstructies, chat- en videobelfuncties met de kraamverzorgende mogelijk zijn.

  • De samenwerking tussen de kraamzorgsector en de vakgroep Verloskundige Wetenschap van het UMCG vormt een unieke combinatie van praktijk en wetenschap, waarmee de implementatie van de KLIM zorgvuldig en onderbouwd gemonitord kan worden. Deze unieke samenwerking voorziet de kraamzorg niet alleen van praktische kennis en inzichten om het implementatieproces te verbeteren en voor te bereiden op een succesvolle landelijke opschaling, maar geeft ook bodem voor het verder verwetenschappelijken van de kraamzorgsector.

  • Door het monitoren van de doorontwikkeling en implementatie van de nieuwe indicatiemethodiek KLIM beogen we (in samenwerking met de kraamzorgsector) om passend kraamzorg voor álle kraamgezinnen in het land te realiseren. Dit doen we door inzichten te geven in de uitkomsten van de KLIM voor cliënten (kraamvrouw, pasgeborene en gezin) en zorgprofessionals. De resultaten ondersteunen landelijke opschaling en borging, en leveren input voor scholing en kwaliteitsverbetering. De kraamzorgsector krijgt hiermee kennis in handen om (hybride) zorgzwaartepakketten van de KLIM te optimaliseren, de implementatie te verbeteren en de kwaliteit van zorg te waarborgen. Op deze manier kan de zorg worden afgeschaald bij kraamgezinnen waar dit verantwoord is, en opgeschaald bij kraamgezinnen waar dit noodzakelijk is.

Timeline

  1. Start KIWO-studie

    Posted

    De KIWO-studie gaat van start. We beginnen met de voorbereidingen van werkpakket 1 (ervaringen en behoeften van cliënten), werkpakket 2 (uitvoerbaarheid en welzijn van zorgverleners) en 3 (zorguitkomsten). Er wordt een infrastructuur voor dataverzameling van werkpakket 2 en 3 opgezet. Ook worden de focusgroepsdiscussies voor werkpakket 1 en 2 voorbereid.

  2. Doorontwikkeling KLIM-methodiek

    Posted

    De kraamzorgsector (Bo Geboortezorg, KCKZ en ZN), in samenwerking met KNOV (beroepsvereniging van verloskundigen), zijn reeds van start gegaan met de doorontwikkeling van de KLIM en de voorbereiding op de eerste fase van de implementatie. In verschillende werkgroepen wordt gewerkt aan de inhoud van deze nieuwe indicatiemethodiek (zorgzwaartepakketten en objectieve criteria voor kraamzorg) en randvoorwaardelijke zaken, zoals bekostiging door zorgverzekeraars en aanpassingen in softwareapplicaties.